Menu
 

Herinneringen van Steef Boom, Oud IJsselsteiner.  Tijdens WOII wonend op Walkade 5.

Bij het begin van de tweede wereldoorlog woonde de familie Boom op de Walkade no 5.

Walkade51960klein

Na het uitbreken van de oorlog op 10 mei 1940 is mijn oudste broer opgeroepen voor de burgerwacht.

Deze burgerwacht moest belangrijke kruispunten bewaken, gewapend met een geweer, helaas zonder patronen.

De tweede of derde dag van de oorlog is een Duits vliegtuig geland in de weide van boer Spelt.

De twee Duitsers zijn gearresteerd en opgesloten op de tweede ring van de hervormde kerktoren.

Mijn vader was nachtwaker bij Meubelfabriek van Rooijen deze moest de Duitsers bewaken met een houten knuppel, dat was ons verdedigingssysteem.

Verder verliep de oorlog in IJsselstein vrij redelijk, mannen moesten naar Dutsland om te werken in de oorlogsindustrie.

Gezien het feit dat ons gezin niet tot de elite behoorde en weinig connecties had met de boeren in de omgeving zijn mijn moeder met mijn broer Ginus en Carolien van Arkel in 1943 eten gaan halen in Overijssel.

Soms ging ik een rondje naar de dam (Polsbroek) maken om bij boeren om eten te vragen.

Soms ook een rondje Knollemanshoek via de Achtersloot en Noord IJsseldijk.

In het najaar van 1944 is mijn moeder met mijn broer Ginus en ikzelf eten gaan halen in Overijssel.

Lopend met een geleende handkar op weg naar Zutphen, maar achter de Gelderse IJssel was het spergebied, dus verboden toegang! Tijdens het lopen hebben we de nachten doorgebracht in scholen en sliepen we op strozakken. Tijdens deze pauze is er veel gepraat waar je de IJssel het beste kan oversteken. Hieruit kwam naar voren dat de kans om bij Deventer de brug tijdens de wacht overgeven s’ -avonds om 20.00 uur te passeren de beste mogelijkheid.

Dus wij op weg met de handkar naar Deventer en zo gepland dat wij om 20.00 op de brug waren

Zo geschiede het. Maar om 20.00uur tijdens de wacht overgeven moesten wij halt houden en mochten niet gaan verder gaan. De wachtpost bij de brug was aan de kant van Deventer.

Maar het geluk was aan onze zijde het luchtalarm ging, dus moesten wij van de brug af en zijn zodoende Deventer ingelopen en in een portiek staan schuilen.

Dus nadat wij de nacht in een school hadden doorgebracht zijn we verder op weg gegaan.                                                                                                                                                          

Maar bij een boer die aan het aardappels rooien was is mijn moeder gaan vragen om aardappels te kopen. Dat ging makkelijk en wij betaalden gewoon de veilingprijs, meer wou deze boer niet hebben.

Onderweg nog wat haver gekocht want je moest het te veel op de terugweg op de Deventerbrug weer bij de Duitsers inleveren , aardappelen was geen probleem

Verder op de terug weg is onze moeder ziek geworden en zijn we in Teuge bij een boer gaan vragen of onze moeder op de deel kon uitrusten. Dat was mogelijk en er kwam een bos stro voor onze moeder. Omdat onze moeder ziek was en wou rusten stelde zij voor dat de broers maar Teuge gaan wandelen, dat hebben wij gedaan.

Bij de terugkomst was mijn moeder aan het zoeken in de strobos, omdat zij een erfstuk als polshorloge kwijt was. Voordat wij naar Teuge zijn gaan wandelen had mijn moeder het horloge nog om. De boer was zogenaamd ook aan het zoeken, maar heeft niets gevonden.

Verder doorgegaan met het naar huis lopen en onderweg moesten we steeds weer in de schuttersputjes moeten duiken vanwege luchtaanvallen.

Uiteindelijk zijn we toch heelhuids in IJsselstein aangekomen.

Omtrent 10 of 11 februari 1945 was er s’-nacht veel lawaai en wij zagen dat de Duitsers een inval deden bij café Geurts. (Panoven?).

Diezelfde nacht is de ondergrondse in Benschop opgerold/verraden en zijn deze personen terechtgesteld waaronder ook meester van Ieperen. Hij was leraar van de 5e de klas van de School met de Bijbel aan het Kronenburgerplantsoen.

Het mooiste aan alles was dat mijn moeder de haver die we onderweg hadden kochten voor een deel bewaarden, om als wij bevrijd waren pannenkoeken van op tafel te laten komen.

Helaas er was niets meer over  om nog een pannenkoek te bakken.,toen wij aan tafel zaten  om te eten en op dat moment mijn neef Wim Oosterom met Tante Marie binnen stormde met de mededeling “Wij zijn bevrijd”.

Dit zijn mijn oorlogsherinneringen als Oud IJsselsteiner, Steef Boom.